spacer
Over mezelf

Tuhu

23 juni 1998

home
Doomen's Doodles
Doodles Archief
Links
Email

Webdesign
  Jeanne Doomen
Marion Schiphorst

De tuhu-vogel. Ik moet aan hem denken omdat een cowboy in de Veronica serie Angel Falls tegen de dochter van de rancher zegt dat het toch wel erg griezelig is, het gehuil van de coyotes.

Wat een flauwekul. Niemand die in het 'wilde' westen woont, slaat bij dat geluid de schrik om het hart. Deze serie is duidelijk gemaakt voor stadsmensen.

De eerste keer dat ik de coyotes hoorde was in een barak bij Moab, Utah. Het huisje stond een eind buiten de bewoonde wereld en ik werd wakker door het geluid van ambulances. Een paar uur later weer. Gek, dacht ik nog, zoveel ziekenauto's in zo'n klein gehucht. Dat bleken dus de coyotes te zijn.

Hans Weibel, degene die de barak verhuurde en ernaast woonde in een gigantisch huis, kon de coyotes ook oproepen. Tegen zonsondergang stootte hij op zijn balkon een ijselijk gehuil uit en jawel, al gauw kwam er ergens uit de woestijn een antwoord. 'I get a kick out of this', zei Hans dan.

Het jaar daarna gingen wij zelf de woestijn in. Eerst kamperen in een tent, toen onder de blote hemel. En er was niks mooier dan het gehuil van de coyotes. Het had zoiets primitiefs, zoiets natuurlijks. Zoiets liefs, haast. Je zag het voor je: coyote 1 die denkt het is hoog tijd voor een jubelkreet en de rest die enthousiast mee roept.

We maakten elkaar ervoor wakker: hoor je ze? En de volgende ochtend zeiden we: hoever dacht jij dat ze hier vandaan waren, in welke canyon, op welke mesa? Hoe groot was de groep?

De woestijn kent meer nachtdieren. Als je het kampvuur bijna dooft en je laatste glas brandy bijvult zijn er de woestijnratten. Wie tegen alle principes wil ingaan (voer geen dieren in hun natuurlijke omgeving), doet ze een plezier met stukjes brood en druiven. En wie het kamp wat slordig opruimt kan midden in de nacht een raccoon met de zak met zoutjes zien sjouwen.

En er zijn slangen. Toen ik voor het eerst kampeerde met alleen de slaapzak onder de mooiste sterrenhemel van de wereld, had ik angstige fantasieën over hoe ik wakker zou worden omdat zich een slang in mijn beddengoed had gekronkeld. Nooit gebeurd.

Wel troffen we ooit een schorpioen (veel dodelijker) aan precies tussen ons in. Lodewijk verwijderde hem hardhandig met een schepje en bezeerde hem daarbij. Ik stond machteloos te roepen dat hij dat niet moest doen: hij woont hier, verdomme, het is zijn territoir.

En dan was er nog de tuhu-vogel.

Je hoort hem als het schemerig is en als het bijna ochtend wordt. Een enkele keer ook midden in de nacht. De tuhu-vogel is, denk ik, geen uil. Zijn 'tuhu...tuhu..' klinkt wel wat gedempt, maar niet zo binnensmonds en omfloerst als het geluid van uilen.

Ik heb hem twee keer gezien - in het halfdonker in de verte. Hij is het formaat van een kraai maar vliegt heel anders. En hij zegt 'tuhu'.

Amerikaanse vrienden kunnen me niet helpen als ik wil weten wie hij is. Mijn 'tuhu' is niet hun 'tuhu'.

Er zit niets anders op, ik moet terug naar de woestijn van Utah. Om allerlei redenen. Een daarvan is dat ik moet weten wie de tuhu-vogel is. Hij is een ontbrekende schakel in mijn leven, een sirene die me roept. Letterlijk.

Tuhu. Tuhu.

Jeanne

gotop Copyright © Jeanne Doomen.
Deze tekst wordt uitsluitend aangeboden
voor persoonlijk gebruik.