1½ ons stevige witte vis (kabeljauw, koolvis, heek - kan ook uit de diepvries)
theelepel kerrie
1 kleine ui of grote sjalot
2 eetlepels zure room
2 eetlepels bulgaarse of andere stevige, zure yoghurt
beetje citroensap
½ appel in stukjes of appelcompote-uit-een-potje
peper, zout, suiker, paprikapoeder
2-3 eetlepels gehakte/geknipte peterselie
Snijd de vis in moten en kook die in wat water (moet net of bijna onder staan) met wat zout en een theelepel kerriepoeder. Hoe snel de vis klaar is, hangt af van hoe dik en stevig hij is. Hij moet gaar worden, maar mag niet stuk koken. Duurt 5 à 10 minuten. Even op letten.
Als-ie klaar is afgieten en koud laten worden.
Snipper de ui en snijd de appel in kleine stukjes, als je handen dat toelaten. Open anders het potje appelcompote-met-stukjes-appel.
Maak een saus van zure room, yohurt, zout, peper, snufje suiker en scheut citroensap (kan uit een flesje). Meng ui en appel door de saus.
Snijd de afgekoelde vis in stukjes en doe die er ook doorheen.
Voeg drie dessertlepels kappertjes (zonder sap) toe.
Alles door elkaar roeren, ietsje (milde) paprikapoeder er overheen strooien en wat peterselie.
Lekker met een frisse sla en/of stokbrood.
Als je overhoudt: niet erg. De volgende dag is het eigenlijk nog lekkerder.