Liefde is hard werken. Liefde is niet: vlinders in je buik, het gevoel dat het 'klikt', samen staren naar de zonsondergang en vrijen bij het haardvuur. Wie werkelijk oprecht wil liefhebben en intens wil worden bemind, zal als zij vertrouwt op dat sentimentele romantische gedoe van een koude kermis thuis komen.
Iedereen is op zoek naar liefde, stelt de Amerikaanse schrijfster bell hooks in haar essaybundel all about love. Maar we hebben het er zo min mogelijk over. We realiseren ons namelijk maar al te goed dat als wij ons werkelijk verdiepen in de liefde, we wel eens zouden kunnen ontdekken dat echte liefde in ons eigen leven ontbreekt. En voor die ontdekking zijn we als de dood.
Als liefde niets te maken heeft met op elkaar vallen en 'klikken' en vlinders - wat is het dan wel? hooks ontleent haar definitie van liefde aan het klassieke zelfhulp boek The Road Less Traveled (1978) van de psychiater M. Scott Peck. Hij omschrijft liefde als 'de bereidheid je in te zetten voor je eigen spirituele groei of die van een ander'. Dat bereik je niet door hand in hand samen langs het strand te lopen.
De meeste mensen denken dat liefde een gevoel is. Daarom investeren ze emoties in een ander. Maar liefde, benadrukt bell hooks, is een handeling. Liefde overkomt je niet, je kiest ervoor. En als je ervoor kiest, kun je er alleen invulling aan geven door daden. Daden als respect, zorgzaamheid, vertrouwen en open en eerlijke communicatie.
Als het goed is, leer je als kind wat liefde is. Maar dat is zelden het geval. Kinderen, weet bell hooks, associëren liefde met je 'lekker' voelen. Aandacht krijgen en geen klappen - dat is al heel wat. Of alles krijgen wat je materialistische hartje begeert - dat is nog beter. Dat betekent niet dat ouders niet hun best doen. Maar als ze zelf de liefde die spirituele groei bevordert niet kennen, kunnen ze die ook niet doorgeven aan hun kinderen.
Erger is, dat kinderen in de gezinssituatie leren liegen. Ze liegen om straf te ontlopen of om te voorkomen dat ze hun ouders pijn doen. En daarmee wordt een basis gelegd voor een leven vol leugens, manipulatief gedrag en bedrog.
Oprechtheid is volgens bell hooks een voorwaarde voor echte liefde. Wie met een vals zelfbeeld iemands verliefdheidsgevoelens opwekt, kan er op rekenen dat als zij of hij na verloop van tijd wel ware stukjes 'zelf' gaat prijsgeven de ander teleurgesteld kan reageren. Wat weer je eigen idee bevestigt dat je ware ik blijkbaar niet de moeite van het beminnen waard is.
De schrijfster adviseert haar lezers die zich wel aangesproken voelen door haar grote doel maar niet precies weten hoe daar te komen eerst zichzelf te leren liefhebben. Dat kan pas als je niet bang bent voor een grondig zelfonderzoek naar wie je bent, wat je voelt en denkt, en wat je wilt met je leven. Dan kun je jezelf de onvoorwaardelijke liefde geven die wij zo graag van een ander zouden willen hebben maar van een ander slechts bij uitzondering zullen krijgen.
Uiteraard heeft het weinig zin aan je eigen ik en dat van je partner te sleutelen als de maatschappij om je heen niet deugt. En dat die niet deugt, staat volgens bell hooks vast. Ten eerste is er het patriarchaat. Dan is er de politiek die wordt gekenmerkt door macht en overheersing. En dan is er nog de cultuur van ikkerige hebberigheid waarin ieder voor zich probeert te krijgen wat-ie krijgen kan en niemand meer iets over heeft voor een ander.
Dit, veronderstelt hooks, is allemaal op te lossen door macht uit te bannen en te vervangen door liefde. Liefde gaat er immers van uit dat iedereen vrij moet zijn en het recht heeft zich te ontplooien. Als je liefde tot kernpunt van de cultuur en de politiek maakt komt er daarom meteen een einde aan de werkloosheid, aan slecht onderwijs en aan verslaving. Hoe dat zo plotseling zou moeten gebeuren, werkt de schrijfster helaas niet uit.
Met all about love wil bell hooks haar lezers zover krijgen dat ze de liefde in hun leven toelaten. Daardoor kunnen ze een beter mens worden en en passant ook de wereld om zich heen veranderen. Want wie liefde in het hart heeft reikt de helpende hand aan vreemden, brengt offers voor de gemeenschap en verheft intussen ook nog de eigen ziel en die van anderen.
Hoewel de zelfhulp-adviezen van de schrijfster niet allemaal origineel zijn, is dit deel van het boek het aardigst om te lezen, omdat het zo bevlogen is geschreven. bell hooks is overigens wel streng - voor zichzelf en voor anderen. En ze zal niet iedereen overtuigen met haar stelling dat als je maar leert de gever van een niet-leuk cadeautje eerlijk te zeggen dat je er geen bal aan vindt, je daarmee de basis legt voor de creatie van een betere wereld. Voor haar zijn echter ook de kleine, sociale leugentjes taboe. Deze schrijfster is geen vrouw van enerzijds-anderzijds en nuances.
Dat hooks het beste voorheeft met de wereld en ontzettend graag zou willen dat de 'All you need is love'- gedachte van de jaren zeventig alsnog ons allen in haar greep krijgt, is duidelijk. Maar qua concrete tips komt zij op dit punt niet verder dan het advies in een kleine gemeenschap te gaan wonen en goed voor iedereen om je heen te zorgen.
Het minst overtuigend is de schrijfster in haar worsteling met het begrip spiritualiteit. Spiritualiteit 'moet' in ons leven, vindt zij, en het hoeft niet per se religie te zijn. Je verbonden voelen met de natuur mag ook. Toch eindigt ze haar boek met een lofzang op God en (bescherm)engelen die ons als we maar op de juiste manier liefhebben het paradijs zullen binnenleiden.
Niet iedereen zal zich door dat perspectief aangesproken voelen.
|