spacer
Over mezelf

Mannenhaatsters, geen make-up


Artikelen de Volkskrant

Email

Webdesign
  Jeanne Doomen
Marion Schiphorst

Wie dacht dat de jonge meiden van tegenwoordig niet geïnteresseerd zijn in het feminisme, heeft zich vergist. Jonge vrouwen hebben wel degelijk belangstelling voor vrouwenkwesties. Ze nemen zelfs steeds vaker de moeite haarfijn uit te leggen hoe het ware feminisme in elkaar steekt en waarom de oudjes (45-plussers) er niets van begrijpen.
De boodschap die de Amerikaanse journaliste Rene Denfeld (27) in The New Victorians uitdraagt, is dat de vertegenwoordigsters van de vrouwenbeweging zo extreem zijn geworden dat zij het jonge vrouwen die zich best zouden willen inzetten voor vrouwenzaken, onmogelijk maken zich aan te sluiten. Ter adstructie doorspekt zij haar boek met citaten van de jonge vrouwen namens wie zij spreekt. Vrouwen als Esther (25), die op verzoek van de schrijfster samenvat hoe de jeugd feministen ziet: 'Mannenhaatsters. Harige oksels, geen make-up, geen lingerie, bijna a-seksueel als dat het juiste woord is. Geen seksuele wezens, want dan zouden ze zichzelf tot object maken.'
Denfeld komt tot haar kritische beschouwing na bestudering van de propaganda van de National Organization for Women (NOW), het maandblad Ms. en de programma's voor vrouwenstudies aan een groot aantal Amerikaanse universiteiten. Haar bevindingen zijn schokkend. De feministen haten niet alleen mannen, ze verwerpen ook de heteroseksualiteit. Lesbisch worden als politieke keuze (in Nederland een slogan van ruim twintig jaar geleden) blijkt in Amerika een eis te zijn die wordt gesteld aan elke naïeve twintigjarige die zich aanmeldt voor een werkgroep vrouwenstudies. Bezoekt zij daarna een bijeenkomst van een plaatselijke vrouwengroep, dan is de kans groot dat zij wordt geconfronteerd met de meest walgelijke sadistische porno om vervolgens te worden ingelijfd in het leger van de censuurbeluste anti-porno-feministen.
Heeft deze jonge vrouw zich nu nog niet teleurgesteld afgewend van wat moet doorgaan voor feminisme, dan loopt zij het risico te worden geïndoctrineerd met onzin over seksueel geweld. Eén op de vier vrouwen zou slachtoffer zijn van wat moet doorgaan voor seksueel geweld, alle mannen zijn (potentiële) verkrachters en ze ontlenen hun inspiratie aan - alweer - porno. Nu moet het geheel gedesoriënteerde meisje een keuze maken. Wordt het een zinloze strijd tegen het moeilijk te concretiseren patriarchaat of sluit zij zich aan bij een groep heksen om kruiden plukkend en bij volle maan dansend de godin te aanbidden in de hoop haar innerlijk kind of haar link met Moeder Aarde terug te vinden?
Denfeld noemt deze feministen -voor een belangrijk deel dezelfde vrouwen die aanvankelijk het gezicht van het radicaal feminisme bepaalden: Andrea Dworkin, Robin Morgan, Diana Russell -'new victorians' omdat zij de vrouw anno nu zouden willen doen leven zoals vrouwen in de victoriaanse tijd: afkerig van seks, strijdend tegen pornografie, zich terugtrekkend in een vrouwenwereld waar intuïtie en zorgzaamheid de norm zijn.
Zelf ziet Denfeld nog wel degelijk mogelijkheden voor een vrouwenbeweging. Alleen moet die zich beperken tot de strijd voor gelijke rechten. Als het aan haar ligt, organiseren vrouwen èn mannen zich op concrete punten, zoals kinderopvang, anticonceptie, abortus, gelijke vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in de politiek en seksueel geweld. 'Echte' verkrachters moeten voortvarend worden opgespoord en bestraft. Daarbij noemt zij een straf van tien jaar het minimum. Doet de man het nog eens, dan moet hij twintig jaar achter slot en grendel, en heeft hij zijn lesje dan nog niet geleerd, dan wordt het levenslang.
The New Victorians is een vlot geschreven boek, doortrokken van een zo oprechte verontwaardiging dat zelfs wie het er niet mee eens is, het geboeid in één adem zal uitlezen. jammer is alleen dat Denfeld zich wel sterk afzet tegen de door haar als gevaarlijk beschouwde feministen, maar dat zij niet altijd even inzichtelijk maakt wat de bekritiseerde nou precies heeft gezegd of geschreven - en in welke context.
Interessant is dat zij, nadat zij alle feministische theoretici volledig heeft afgebrand, zelf uitkomt op issues waarmee de vrouwenbeweging - toen feminisme nog emancipatie heette - bijna dertig jaar geleden is begonnen. Hiermee past zij in de trend van de andere jonge feministen zoals Naomi Wolf en in Nederland Malou van Hintum: niet zeuren, vooral niet te diep nadenken, maar gewoon 'doen'. En dan nog alleen datgene waar je zelf iets aan hebt.
Wat vanuit Nederland moeilijk valt te controleren is in hoeverre de vrouwenstudies in de Verenigde Staten echt zo dwingend zijn opgezet als Denfeld wil laten geloven. Het feit dat een bepaald extreem boek wordt gehanteerd, wil immers nog niet zeggen dat de inhoud als doctrine wordt onderwezen. Voor Nederland hoeven we ons op dat punt trouwens niet al te veel zorgen te maken. In het handboek Vrouwenstudies in de jaren negentig benadrukken de auteurs steeds dat over verschillende zaken verschillend kan worden gedacht, dat er continu nieuwe ontwikkelingen zijn en dat de enig ware leer niet bestaat.
Overigens blijkt juist uit dit uitstekende boek hoe belangrijk het is dat er wèl dieper wordt nagedacht over zogenaamde vanzelfsprekendheden als 'gelijkheid' en dat we onszelf tekort doen door ons niet het hoofd te breken over moeilijke onderwerpen als vrouwelijkheid, verschillen tussen vrouwen, macht, lust en liefde, maar ons te beperken tot het eisen van meer crèches en het behoud van de pil in het ziekenfondspakket.

JEANNE DOOMEN

naar begin Rene Denfeld: The New Victorians - A Young Woman's Challenge to the Old Feminist Order.
Warner Books, import Van Ditmar; f 43,25.
ISBN 0 446 51752 6.

Copyright © Jeanne Doomen.
Deze tekst wordt uitsluitend aangeboden
voor persoonlijk gebruik.