Midden twintig waren ze toen ze gegrepen werden door het feministisch elan. Ze besloten
niet (uitsluitend) moeder te zijn, zich niet te laten koeieneren door mannen en hadden
visioenen van een wereld waarin alles anders zou worden.
Begin vijftig zijn ze nu. En terwijl vroegere generaties zich met vijftig opmaakten voor een
rustige oude dag, vragen deze vijftigsters zich af wat ze nu weer eens zullen gaan doen. Ze
hebben tenslotte nog dertig jaar te gaan en het zou wel ontzettend duf zijn om die alleen te
besteden aan het maken van wereldreizen en golfen.
Colette Dowling, die ons in The Cinderella Complex twintig jaar geleden verraste met de
boodschap dat vrouwen eigenlijk toch het allerliefst verzorgd willen worden door de prins
op het witte paard, is nu midden vijftig en schreef een boek over haar eigen generatie. Red
Hot Mamas heet het, een titel die verwijst naar de als zodanig aangeduide middelbare,
zwarte jazz zangeressen van de jaren twintig en dertig.
Dowling doet er alles aan om ons ervan te overtuigen dat vijftig worden een te gek
moment is in ons leven. `De middenleeftijd biedt dezelfde uitdaging en mogelijkheden - en
al het potentiële tumult - die we ervoeren tijdens de adolescentie. Die wilde, onbekende
mogelijkheden die we met spanning tegemoet zagen toen we zestien waren, die unieke
mengeling van angst en opwinding, hebben we nu weer.'
Ze ontkent niet dat veel vijftigsters zich rot voelen omdat de kinderen uit huis zijn, er
moeite mee hebben hun lichaam te zien aftakelen en zich pijnlijk bewust zijn van de vaak
weinig stimulerende relatie met hun partner (als die er al niet met zijn secretaresse
vandoor is) terwijl ze ook nog eens worden geteisterd door hun hormonen. Want ook
Colette Dowling beseft dat de overgang geen pretje is. Alleen is ze van mening dat het
leed aanzienlijk kan worden verzacht door oestrogeen te slikken (ook niet weg voor wie
Altzheimer's wil uitstellen, weten we sinds kort) en houdt ze verder een vurig pleidooi
voor de inname van testosteron. Goed voor de libido, voor meer energie, voor slank-blijven
en tegen depressies.
De aardigste passages in Red Hot Mamas gaan over concrete vrouwen die op een bepaald
moment in hun leven (ergens tussen de vijfenveertig en vijfenzestig) met de deuren zijn
gaan slaan. Weg met die vervelende man, weg met die veeleisende kinderen, weg met dat
onbevredigende werk: deze middelbare dame gaat voor zichzelf beginnen. Omdat dit boek
is bedoeld om te inspireren zijn het voor het merendeel succesverhalen.
Zelfs de vrouw (54) die een goede baan als docente aan een universiteit opgaf, haar huis
verkocht en naar Los Angeles trok om daar te proberen een carrière op te bouwen als
toneelregisseur en die wegens gebrek aan succes haar oude baan weer moest terugnemen,
heeft eigenlijk een overwinning behaald. Waar het immers om gaat is dat je als vrouw
(maar ook als man, lijkt me) ontdekt wat je werkelijk wilt en risico's neemt om die droom
te verwezenlijken. Alleen wie dat doet krijgt contact met haar ziel en wordt een beter,
tevreden en ook voor anderen intrigerend mens.
Op de boodschap van Red Hot Mamas valt niets af te dingen. Iedereen zou op elk moment
in haar of zijn leven dergelijke ingrijpende keuzes moeten kunnen maken. Niet meer elke
dag naar die stomme baan die je eigenlijk haat, niet jarenlang doormodderen in die relatie
waarin je je op z'n ergst ellendig voelt en je in ieder geval verveelt.
Je zou er eens goed voor moeten gaan zitten, erover praten met vriendinnen, desnoods in
therapie of mediteren en dan kop in de wind en ervoor gaan. Of het nou is trainen voor de
marathon, een nieuwe studie doen, een geitenfokkerij beginnen of naar het andere eind
van de wereld reizen in de hoop dat je het maakt in Hollywood. Leuk, heel leuk zelfs. Wie
behalve een ontzettend angsthazerige droogkloot zou niet op die manier willen leven?
Er is alleen een praktisch bezwaar waar Colette Dowling wel wat erg luchtig overheen
walst. Het is een stuk eenvoudiger om met alles te breken en drastische veranderingen te
bewerkstelligen, als je maatschappelijk geslaagd bent.
In Dowlings boek komt geen enkele vrouw voor die niet of een glanzende carrière (en dus
geld) heeft of op zijn minst een goed verdienende man. En de dames die zo'n man
verlieten treffen we vervolgens niet aan achter de kassa van een warenhuis, nee, die gingen
een opleiding volgen tot psychotherapeut of iets anders opwindends doen dat in eerste
instantie geen geld oplevert. Ze waren dus zelf vermogend en als ze dat niet waren zijn ze
in elk geval niet opgestapt met een dapper `en je geld hoef ik ook niet!'
Leuk voor die vrouwen, het zij ze gegund. Maar het maakt de boodschap van Dowling wel
wat vrijblijvend voor vrouwen die niet een goede opleiding, geld van zichzelf of een
plukbare rijke man hebben.
|