spacer
Over mezelf

Chimpansees als onze zusters


Artikelen de Volkskrant

Email

Webdesign
  Jeanne Doomen
Marion Schiphorst

Hebt u zich in het solide besef dat de doorsnee penis 10 centimeter is wel eens afgevraagd hoe groot een clitoris eigenlijk is? En ligt u wakker van de vraag wat de effecten van oestradiol, thyroxine en acetylcholine zijn? Als u bovendien een meer dan gemiddelde belangstelling hebt voor chimpansees, prairiewoelmuizen en zebravinken, heb ik hier een boek voor u.

New York Times-journaliste Natalie Angier omschrijft haar boek De vrouw als een ode aan het vrouwelijk lichaam. Haar uitgangspunt is dat wij 'iets kunnen leren van andere soorten, van ons verleden en van onze lichaamsdelen'. Het doel van het boek? 'Een antwoord vinden op de vraag: "wat maakt een vrouw een vrouw'.' Dat is niet niks.

Angier, van wie eerder werk is bekroond met de Pulitzer-prijs, begint haar boek met een lofzang op de eicel en belandt dan bij de geslachtschromosomen. Na een verre van helder verhaal over de X- en Y- chromosomen verzucht ze: 'Laten we eens met de gedachte spelen dat de legendarische vrouwelijke intuïtie een fysieke rechtvaardiging heeft. (..) Dit is geen denkbeeld dat ik op leven en dood zal verdedigen. Ik heb geen bewijzen om het mee te schragen. Het is niet meer dan... intuïtief gevoel.' Deze wijze van iets te berde brengen is kenmerkend voor de schrijfster.

Over de clitoris kan Natalie Angier wel harde feiten verschaffen. Zo leren we dat de clitoris achtduizend zenuwvezels bevat - en dat dit twee maal zoveel is als de penis. De gemiddelde volwassen clitoris is 16 millimeter van voet tot glans en kan in staat van opwinding twee maal zo groot worden. Dat is nog niks vergeleken met 'de koningin van de clitorale adel', de bonobo. Een vrouwtjesbonobo (een dwergchimpansee) weegt als puber de helft van een menselijke tiener, maar haar clitoris is driemaal zo groot als die van een mens en valt genoeg op om heen en weer te zwaaien als ze loopt. En de clitoris van een gevlekte hyena is zo groot dat-ie er uitziet als de penis van het mannetje.

Nog wat feiten: de gemiddelde, niet-melkgevende borst weegt een half pond en heeft een afmeting van 10 centimeter doorsnee en 7,5 centimeter van de borstkas tot de tepel. De gemiddelde bh-maat is 80B. En een vrouw hoeft geen orgasme te krijgen om toch zwanger te worden (maar dat wist u waarschijnlijk al).

Moeilijker krijgt de schrijfster het als zij de betekenis van oestrogeen en testosteron probeert te doorgronden. Na een opsomming van een reeks onderzoeken die elkaar allemaal tegenspreken, concludeert Angier dat we eigenlijk geen idee hebben wat deze hormonen met ons doen. En dat geldt ook voor een aspect dat haar in het bijzonder interesseert: het verband tussen testosteron en agressie. Zodat zij concludeert: 'We begrijpen noch de endocrinologie, noch de neuro-anatomie noch de biochemie van de agressie. Maar we weten het als we agressie voelen, en soms voelt die vervelend en soms eigenlijk best goed.'

Als je De vrouw leest in de hoop op feitelijke informatie, leidt dat tot een hoop ergernis. De beste manier om iets aardigs aan dit boek te beleven is je bereidwillig bij de hand te laten nemen en je door Natalie Angier te laten introduceren in een wereld waar bavianen en chimpansees onze zusters zijn en we uit het gedrag van een mannetjesrat kunnen afleiden dat mits goed afgericht ook mannelijke mensen voor baby's moeten kunnen zorgen.

Dan kun je ook meegaan in Angiers 'analyse' dat grootmoeders verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van het menselijk ras. Orang-oetans, leert de schrijfster, kennen geen menopauze. Als ze niet meer kunnen baren, gaan ze gewoon dood. Alleen bij menselijke vrouwen wordt het vruchtbaarheidsprogramma jaren voor de dood beëindigd. Daarna kunnen ze bijspringen als hun dochters kinderen krijgen zodat die nog meer kinderen kunnen krijgen en de oudere vrouw uitgroeit tot 'een genetische tsarina met een vorstelijk bereik'.

Als dit vroeger ook zo geweest is, kan volgens Angier de conclusie worden getrokken dat juist dankzij grootmama die tot op hoge leeftijd driftig voedsel zocht en voor de (klein)kinderen zorgde, de groep onbezorgd kon rondtrekken en de wereld kon worden ontdekt. En mannen? Deden die dan niets? Zijn die dan niet nodig? Die gaan ook niet voor niets eerder dood, meent de schrijfster. 'Misschien hoeven ze niet zo lang te leven. Of misschien willen ze het wel niet.'

De vrouw is qua opzet een ambitieus boek. De schrijfster put zich uit in het weergeven van - veelal tegenstrijdige - onderzoeken, duikt diep in de genen, haalt de prehistorie erbij plus wat verre volkeren en verstrekt vele details over het intieme leven van vissen, vogels, roofdieren, knaagdieren en apen. En wanneer je net kritisch wilt opmerken dat dat gehussel met feitjes niet tot echte informatie laat staan erg veel vernieuwende inzichten leidt, valt ze terug op: ja maar, ik heb ervoor gekozen een fantasie te schrijven, ik wil niet 'discussiëren en tekeer gaan over wat we wel en niet weten over X versus Y.'

Een antwoord op de vraag 'wat een vrouw tot vrouw maakt', is in dit boek overigens niet te vinden. Wel onthult Angier op de valreep wat een vrouw eigenlijk wil: emotionele gelijkwaardigheid. En verder willen we houden van iemand die lief en aardig is en betrouwbaar en die niet 'maar wat rondrent en er steeds vandoor gaat'.

Dat zou best wel eens waar kunnen zijn. Alleen is het niet de logische conclusie uit de ruim vierhonderd pagina's vrije associaties die hieraan vooraf zijn gegaan.

JEANNE DOOMEN

naar begin Natalie Angier: De vrouw, De waarheid over het vrouwelijk lichaam;
vertaald door Lieke Berkhuizen, Marga van den Herik en Nele Ysebaert (uit het Engels);
uitg. Prometheus; 440 pagina's; f39,95.
ISBN 90 5333 811 X.

Copyright © Jeanne Doomen.
Deze tekst wordt uitsluitend aangeboden
voor persoonlijk gebruik.