spacer
Over mezelf

Raadsheren, onbeweeglijk als reptielen


Artikelen de Volkskrant

Email

Webdesign
  Jeanne Doomen
Marion Schiphorst

'Mr H.J. Inden, de vice-rechtbankpresident, leunt met zijn linkerwang op zijn hand, met zijn rechterhand bladert hij in het dossier. 'Het politierapport rept van plassen bloed en gebroken flessen bier. Pauze. 'Het medisch rapport... Eens kijken... Plaatsen van steekwonden niet te zien..., klaplong..., de borstwond is niet zuigend en dus niet dodelijk.., het slachtoffer lag nog in de intensive care en was niet aanspreekbaar.. .'. Inden dreunt de gegevens met monotone stem op. Zelden kijkt hij van de papieren op naar de verdachte, vragen stelt hij nauwelijks."

NRC Handelsblad-redacteur Frank Vermeulen reisde een klein jaar langs allerlei rechterlijke instanties om verslag te doen van hoe met het recht wordt omgegaan. Een deel van zijn stukjes werd gebundeld in het boekje De rechtszaak - Scènes uit het Nederlandse recht.

Rechtspraak is boeiend omdat het gaat om goed en kwaad, om dat enorme, grijze gebied daartussen en de mensen die zich daarin bewegen. Je hebt rechters die wel of niet proberen met een burger een gesprek aan te gaan en er wel of niet in slagen tot een vorm van communicatie te komen. Er zijn officieren van justitie die wel of juist niet weten te nuanceren, er zijn advocaten die de zaak wel of niet goed voorbereiden (in Almelo trof Vermeulen een "zeer jonge blonde advocate" die de naam van haar cliënt herhaaldelijk in haar pleitnota moest opzoeken) en niet te vergeten de justitiabelen zelf.

In De rechtszaak laat Vermeulen ons kennis maken met een brede selectie van instanties die zich in Nederland bezighouden met het spreken van recht. Natuurlijk zijn er de strafzittingen (meervoudige kamer en politierechter), maar ook de zittingen van de civiele kantonrechter en de Hoge Raad, waarvan elke journalist zich voorneemt die ook ooit eens bij te wonen. Verder de Raad van Discipline voor falende advocaten, de Raad voor de Scheepvaart voor nalatige schippers, het Medisch Tuchtcollege en de Ambtenarenrechter (die bijvoorbeeld beoordeelt of een agent die een junk een stomp in zijn maag gaf om hem bolletjes heroïne te laten uitspugen, terecht door zijn chef is berispt).

Dan zijn er nog de Krijgsraad te Velde (die helemaal in het Protestants Militair Clubhuis in Seedorf jeugdige dienstplichtigen wegens dronken rijden, diefstal, vernieling en mishandeling tot de orde roept) en het College van Beroep voor de Studiefinanciering, waar een studente mag aantonen dat haar ouders echt te beroerd zijn haar studie te betalen, zodat zij recht heeft op een volledige beurs (maar waarom kreeg Agatha van haar moeder dan wel een theater-bon?).

Vermeulen wil met zijn verslagen amuserend en soms ook voorlichtend bezig zijn. In zijn beste stukken slaagt hij daarin, door de aandacht van de lezer te vangen met een smeuïg verhaal en vervolgens haast terloops op een rijtje te zetten met welk rechtscollege we hier van doen hebben, waarover het meestal oordeelt en hoe vaak. Nadat de kwestie in perspectief is geschetst, keert hij terug naar de zaak waarmee de lezer al even heeft mogen kennismaken.

De aanpak van Vermeulen doet denken aan die van de voormalige Parool-journalist Jac. van Veen (nu Vrij Nederland en Algemeen Dagblad), die dit boekje ook van een voorwoord voorzag, maar er zijn verschillen. Niet alleen bestrijkt Vermeulen een breder terrein (Van Veen beperkt zich tot strafzaken), zijn kritiek is ook wat implicieter. Waar Van Veen met een opgeheven vingertje man en paard noemt en stelt dat het een schande is hoe er met verdachten wordt omgegaan, laat Vermeulen het trekken van conclusies vrijwel geheel over aan zijn lezers.

Om de nek van magistraten die nauwelijks belangstelling tonen, hangt hij dus niet een bordje met: "Ongeïnteresseerd", maar geeft hij bijvoorbeeld de volgende typering: "Tijdens het pleidooi zijn piepgeluidjes hoorbaar in de rechtszaal. Ze blijken afkomstig van rechter Derks die geconcentreerd zijn digitale polshorloge aan het bijstellen is." Of deze: "De raadsheren, zoals de rechters bij het Hof heten, zijn onbeweeglijk als reptielen."

De rechtszaak is op enkele saaie (het Internationaal Gerechtshof) of te gewilde (de politierechter) stukken na een erg leuk en informatief boek. Vermeulen had zich bij de beschrijving van de uiterlijkheden van de betrokkenen ("Ze heeft kwarteleieren als oorbellen en een korte rok onder haar steeds openvallende toga") wat meer mogen inhouden, maar dat bezwaar valt weg tegen zijn rake typeringen van rechtszalen en de sfeer die daar kan heersen.

JEANNE DOOMEN

naar begin Frank Vermeulen: De rechtszaak - Scènes uit het Nederlandse recht.
Ars Aequi; f 15,-
ISBN 90 6916 082 X.

Copyright © Jeanne Doomen.
Deze tekst wordt uitsluitend aangeboden
voor persoonlijk gebruik.