spacer
Over mezelf

'Luister en voel medeleven'


Artikelen de Volkskrant

Email

Webdesign
  Jeanne Doomen
Marion Schiphorst

Je hebt mensen die op de televisie willen vertellen dat ze zijn bedrogen of misbruikt, dat ze dood willen, dat ze gedood hebben of dat ze zich overgeven aan bizarre seksuele praktijken. En je hebt mensen die graag kijken naar de programma's waarin de vertellers hun zegje kunnen doen.

De Ronde van Witteman geldt algemeen als het meest fatsoenlijke Nederlandse praatprogramma. Geen voyeurisme, geen goedkope sensatie, maar openhartige mensen en een aardige, invoelende presentator. Wie alleen goede vrienden durft te vertellen dat zij wel eens met genoegen naar Catherine Keyl kijkt, kan zonder gêne melden Witteman zeer hoog te hebben zitten.
In Tussen gevoel en verstand staan bewerkingen van elf afleveringen van De Ronde van Witteman. Het is een selectie uit de in vier seizoenen uitgezonden veertig uitzendingen. Veel leed trekt voorbij en soms wat berusting. Goed nieuws en blije verhalen lenen zich immers slecht voor praatprogramma's. En voor boeken al evenmin.
Sommige hoofdstukken hangen zwaar op individuele ellende en de emotionele weergave daarvan. Of de ontboezemingen die daarin worden gedaan aanspreken, zal afhankelijk zijn van de lezer. In andere wordt via de verhalen een totaal beeld geschetst waardoor je het idee krijgt dat je een bepaalde problematiek kunt overzien.
Dat laatste gebeurt in het hoofdstuk over de pedofiele onderwijzer, Willem. In 1974 krijgt de man, die zich al eerder aan leerlingen had vergrepen, een aanstelling op een lagere school. Een tweede kans moet kunnen, vindt het bestuur.
Na verloop van tijd krijgen collega's argwaan. 'Hij gaf jongetjes hoge cijfers, dat was me al opgevallen,' vertelt Marianne. 'Maar pas toen ik een keer bij hem was en een kind uit bad zag komen met alleen een handdoekje om, ging er bij mij een lampje branden.'
Toch kan de man tot 1985, wanneer de ouders van een van de leerlingen aangifte doen, zijn gang gaan. Omdat hij 'zo aardig' is en omdat niemand kan geloven dat werkelijk gebeurt wat zij zich voor hun ogen zien voltrekken.

Nog zo'n compleet beeld ontstaat uit de verhalen over de iatrosofen,'genezers' die eenmaal tot hun filosofie bekeerde patiënten zover weten te krijgen dat zij zich blind aan hen overleveren.
Tegen Rachel, die een ernstig ziek dochtertje heeft, zegt zo'n iatrosoof dat het probleem bij haar ligt: 'Een gezonde moeder geeft ook een gezond kind, en een ongezonde moeder geeft een ongezond kind. Ik was dus erg ongezond en heb heel hard gewerkt aan mijn slechte kanten.' Het dochtertje gaat dood aan een door de iatrosofen niet opgemerkte hartkwaal.

Bij Joke ontgaat het de iatrosofen dat zij lijdt aan hersenontsteking en baarmoederontsteking. Joke raakt volledig verlamd, wordt in een regulier ziekenhuis op het nippertje gered, moet een jaar lang revalideren en zal nooit meer helemaal de oude zijn.
Wanneer Joke weer thuis is, komt de iatrosoof nog een keer langs. Hij zegt tegen haar dat zij de restverschijnselen te wijten heeft aan het feit dat zij de verkeerde keuze heeft gemaakt. 'Ik had moeten sterven, dan had ik in een volgend leven door kunnen gaan met het opruimen van mijn blokkades.'

Verschillende hoofdstukken gaan over seksueel geweld. In het verhaal van Henk die als conciërge op een lagere school kleine meisjes betast, zien we opnieuw een schoolleiding die ontuchtplegers ongestoord hun gang laat gaan. 'Eén meisje heeft geklaagd en haar moeder is naar de directeur gegaan. Die heeft me onmiddellijk bij zich geroepen en gevraagd wat ervan waar was. Ik heb alles ontkend. Hij zei dat ik maar een beetje op moest passen met de kinderen, want voor je het weet, zei hij, denken ouders van alles.'

In een ander hoofdstuk wordt de vraag gesteld of moeders van incestslachtoffers wisten wat er gebeurde, of ze het hadden moeten weten en of ze (adequaat) ingrepen. Vera: 'Er was er maar één die het had kunnen voorkomen en dat was ik. Maar ik was bang voor mijn achterdocht. Ik wist niet hoe een normale verhouding tussen een vader en een dochter eruit zag en ik wilde iets wat misschien heel zuiver was niet smerig maken.'

Bijna de helft van Tussen gevoel en verstand handelt over de dood. Ouders die een kind hebben verloren, mensen van wie familieleden zijn vermist en van wie nooit met zekerheid is vastgesteld of ze inderdaad dood zijn. Een hoofdstuk gaat over euthanasie op ernstig zieke kinderen, een ander hoofdstuk over euthanasie bij psychische nood. In het slothoofdstuk vertellen mensen hoe zij ermee omgaan dat ze leven in het besef dat zij door de ziekte waaraan zij lijden binnen enkele jaren dood zullen zijn.

Ergens in het boek werpt Witteman de vraag op waaróm mensen op televisie over hun leed vertellen. 'Ik stel het publiek een wedervraag: waarom zouden ze niet? Moeten ze zich ergens voor schamen? De ellendige geschiedenis ligt ze voor op de tong. Luister en voel medeleven! Leer er wat van voor het geval u het zelf overkomt!'

Eerlijk gezegd betwijfel ik of de behoefte iets te leren de drijfveer is die de meeste mensen doet kijken naar praatprogramma's als De Ronde van Witteman. Zoals ik er ook niet mijn hand voor in het vuur zou durven steken dat de makers van dergelijke programma's altijd de verheffing van de kijker voor ogen staat.
Maar soms gebeurt het inderdaad. Je zit te kijken naar een praatprogramma en daar zit die ene mens met dat ene verhaal en een vonk van medeleven slaat over. En ja, een heel enkele keer heeft zelfs de meest sceptische kijker de illusie dat zij of hij van het vertelde iets leert.
Dit boek heeft hetzelfde effect. Waarbij het ene verhaal aangrijpender is dan het andere, het ene hoofdstuk diepere inzichten verschaft dan het andere en de waardering voor het boek als geheel ongetwijfeld afhankelijk is van wat de lezer zelf heeft meegemaakt en wat zij of hij graag wil weten van de onbekende medemens.

JEANNE DOOMEN

naar begin Janneke Vonkeman (redactie): Tussen gevoel en verstand - De Ronde van Witteman
Balans; 208 pagina's; f 29,90
ISBN 90 5018 348 4

Copyright © Jeanne Doomen.
Deze tekst wordt uitsluitend aangeboden
voor persoonlijk gebruik.